Home Kernwoorden Psalmen Belijdenis Zingen UitlegBoeken
 
 

 
1265176101126
2275277102127
3285378103128
4295479104129
5305580105130
6315681106131
7325782107132
8335883108133
9345984109134
10356085110135
11366186111136
12376287112137
13386388113138
14396489114139
15406590115140
16416691116141
17426792117142
18436893118143
19446994119144
20457095120145
21467196121146
22477297122147
23487398123148
24497499124149
255075100125150
 
 

Psalm 20

Vers 1
Dat op uw klacht de hemel scheure!
Dat zich de HEER ontdekk'!
De God van vader Jacob beure
U in een hoog vertrek.
Hij doe in gunstrijk welbehagen,
Uit Sions tempelzalen,
Om u te helpen en te schragen,
Zijn zegen nederdalen! 

Vers 2
Hij will' uw offerspijz' gedenken:
De hemelvlam verteer',
Wat g' op het brandaltaar zult schenken,
Tot 's Allerhoogsten eer.
Hij geev' u, naar uw wens, t' ontvangen
Geluk in al uw daden.
Zijn gunst bestier', naar uw verlangen,
Al wat gij moogt beraden. 

Vers 3
Dan zal 't gejuich ten hemel dringen;
Dan zullen wij Gods eer,
Bij opgestoken vaandels, zingen.
Uw wens vervull' de HEER.
'k Weet nu, dat Gods gezalfden Koning
Geen heilgoed zal ontbreken.
Want God zal, uit Zijn hemelwoning,
Hem sterken op zijn smeken. 

Vers 4
Op wagens, paarden, en op helden,
Zij onze vijand stout;
Wij zullen d' eer en grootheid melden
Van God, die ons behoudt.
Zij zijn gekromd, ter neer gestoten,
Van moed beroofd en krachten;
Maar wij, wij hebben 't heil genoten,
Waarop ons God deed wachten. 

Vers 5
Behoud, o HEER, wil bijstand zenden,
Verlos, bewaar, verschoon.
Die Koning hoor', als w' in ellenden
Aanbidden voor Zijn troon. 

SVHSVKJVFRDUAFRESP

Psalm 20

1 Een psalm van David, voor den opperzangmeester. De HEERE verhore u in den dag der benauwdheid; de Naam van den God Jakobs zette u in een hoog vertrek.

2 Hij zende uw hulp uit het heiligdom, en ondersteune u uit Sion.

3 Hij gedenke al uwer spijsofferen, en make uw brandoffer tot as. Sela.

4 Hij geve u naar uw hart, en vervulle al uw raad.

5 Wij zullen juichen over Uw heil, en de vaandelen opsteken in den Naam onzes Gods. De HEERE vervulle al uw begeerten.

6 Alsnu weet ik, dat de HEERE Zijn Gezalfde behoudt; Hij zal Hem verhoren uit den hemel Zijner heiligheid; het heil Zijner rechterhand zal zijn met mogendheden.

7 Dezen [vermelden] van wagens, en die van paarden; maar wij zullen vermelden van den Naam des HEEREN, onzes Gods.

8 Zij hebben zich gekromd, en zijn gevallen; maar wij zijn gerezen en staande gebleven.

9 O HEERE! behoud; die koning verhore ons ten dage van ons roepen.